Stalk Van der Steur niet zo

Minister Van der Steur moet aan de bak morgen, bij het vervolg over het Kamerdebat over de terreuraanslagen in Brussel. De Kamer stelde 68 vragen nadat het debat werd afgebroken om de minister van Veiligheid en Justitie een time out te geven. Hij kon de Kamer, die steeds verhitter raakte, niet tevreden stellen met zijn antwoorden. Een dag later bleek hij ook nog een fout gemaakt te hebben: hij zei FBI waar het NYPD moest zijn.

image

Tot overmaat van ramp bleek een Turks-Nederlandse commissie die de informatieuitwisseling over jihadi’s en terrorisme moet verbeteren nog niet operationeel te zijn. Koren op de molen van de oppositie: weg met die Van der Steur. Het gebeurt niet vaak, maar ik was het eens met Halbe Zijlstra. Hij vond het jagen op Van der Steurs scalp door de oppositie buitenproportioneel en riep om een einde aan de Haagse spelletjes.

Commissie

Aanleiding voor de uithaal van Zijlstra was het bericht van RTL Nieuws dat een door Van der Steur ingestelde commissie nog niet bijeen was gekomen. De minister leek daardoor niet alert genoeg in de terrorismebestrijding. Turkije had immers een jihadist naar Nederland uitgezet die later een aanslag zou plegen in Brussel. De oppositie was weer eens woest en zag het eigen oordeel bevestigd: Van der Steur is op weg naar de uitgang.

Maar wat was er nu eigenlijk aan de hand? Van der Steur had in november na overleg met zijn Turkse ambtgenoot Ipek aangekondigd dat er een commissie zou komen die de informatieuitwisseling tussen Nederland en Turkije moest verbeteren, onder andere over jihadisme en terrorisme. Er was op dat moment geen indicatie dat die uitwisseling slecht liep: het persbericht over de commissie roemde de goede samenwerking met de Turken juist.

Turkijedeal

Het ministerie verklaarde al snel dat de commissie nog niet bijeen was gekomen omdat ambtenaren nog bestudeerden wat er verbeterd moest worden aan de informatieuitwisseling. Dat lijkt me logisch. Uitwisseling betekent immers niet alleen dat Nederland informatie krijgt van de Turken; daar staat altijd iets tegenover. Juist de Tweede Kamer blijkt steeds uiterst kritisch over deals met Turkije: zaken doen met Erdogan spreekt niet vanzelf.

Maar wat als Van der Steurs commissie wel bijeen was geweest? Zelfs in het onwaarschijnlijke geval dat ze in staat waren geweest om de uitwisseling van informatie binnen drie maanden te verbeteren, dan nog was El Bakraoui gewoon uitgezet naar Nederland. Die uitzetting is onder de bestaande afspraken ook gewoon gemeld door Turkije, zowel aan België als aan Nederland. Dat is helaas geen aanleiding geweest om El Bakraoui in Nederland of België vast te zetten of te vervolgen.

Overspannen

De reactie op het bericht over de commissie is tekenend voor de overspannen houding van de oppositie jegens Van der Steur. Hij heeft het er zelf naar gemaakt met de incidenten rond de moord op Els Borst door Bart van Urk, de foto van Volkert van der Graaf, het onderzoek van de Commissie-Oosting naar de Teeven-deal en de premature en overdreven veroordeling van George Maat. Dat waren fouten, maar geen politieke doodzonden. Ze zijn rechtgezet, en Van der Steur heeft er excuses voor aangeboden.

Door terug te komen op die fouten, spijkers op laag water te zoeken, en te dreigen met aftreden, keren de oppositiepartijen de vertrouwensregel om. De minister regeert met het vertrouwen van de Tweede Kamer, totdat de Kamer dat vertrouwen opzegt. Nu moet Van der Steur volgens de oppositiepartijen het vertrouwen verdienen of terugwinnen in het debat met de Kamer. Dat Wilders altijd een motie van afkeuring op zak heeft, zijn we gewend. Maar de SP, en zelfs D66 en CDA, dreigen nu ook met de motie van wantrouwen onder voorbehoud.

Wegsturen

Dat zijn Haagse spelletjes, zoals Zijlstra terecht stelde — al is de VVD-fractievoorzitter daar zelf ook niet vies van. Want zelfs als er een meerderheid voor zo’n motie van wantrouwen zou zijn, wat de coalitie verhoede, wat maakt het eigenlijk uit als de minister opstapt? Het aantreden en optreden van Van der Steur zelf bewijst dat het niet helpt. De vorige minister is immers opgestapt, en nu is de Kamer weer ontevreden over zijn opvolger. Dat kan zo wel even doorgaan. En hoe langer het duurt voor de juiste minister gevonden is voor het law and order-departement, hoe minder er gebeurt.

De oppositie moet stoppen met stalken van Van der Steur en zich constructiever opstellen. Wat we nodig hebben is geen nieuwe minister, maar betere intelligence over jihadisme, terreurdreiging en veiligheid in het algemeen. Daar valt nog genoeg te verbeteren, getuige de beantwoording van de lijst Kamervragen over Ibrahim El Bakraoui. Niet alleen in de meldingen van Turkije aan Nederland over uitzettingen van staatsgevaarlijke jihadisten, maar ook aan Nederlandse zijde. Want als er dan toch op de man gespeeld moet worden door de oppositie, heb ik nog wel een andere vraag: waar blijft Plasterk?

Jasper Klapwijk is niet in paniek over terrorisme, maar maakt zich wel zorgen over de prioriteitsstelling van de politici als het gaat om landsbelang en staatsveiligheid. Dit is een uitgebreide en geactualiseerde versie van het politieke commentaar voor Dit Is De Dag van 5 april 2016. 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s